Het voormalige Hoofdpostkantoor van architect C.H.Peters (1874-1932) is in 1993 aan zijn tweede leven begonnen. Bijna een eeuw lang is het gebouw in gebruik geweest zoals het oorspronkelijk bedoeld was. Waar nodig voor de nieuwe functie zijn toevoegingen of wijzigingen ondergeschikt van karakter. Het oude beeld van het Hoofdpostkantoor is ook het nieuwe beeld van het winkelcentrum. Waar honderd jaar geleden het gebruik van stijlmiddelen uit de Gothiek en de Renaissance nog een zekere moralistische betekenis had, wordt nu het mengsel als romantische resultante uit die periode gewaardeerd.
De belangrijkste wijziging aan de gevels betrof ongetwijfeld de hoofdentree. De bijna ontoegankelijke entree van het Hoofdpostkantoor zou een zeer publiek gebruik van het gebouw als winkelcentrum onmogelijk maken. Na talrijke studies is besloten de verbinding tussen het straatniveau en het ruim 1,50 meter hoger gelegen hoofdniveau op zo ontspannen mogelijke wijze binnen het gebouw te overbruggen.
De nieuwe luifel boven de hoofdentree versterkt de verbeterde toegankelijkheid en vormt een eerste handreiking boven de drie nieuwe entrees.
Verreweg de belangrijkste ingreep in het gebouw vond binnen plaats. Oorspronkelijk was alleen een deel van de begane grond publiek toegankelijk. Binnenkomend onder de imposante vide die over drie verdiepingen met een fraaie galerij en zandstenen arcades wordt omgeven, bleef het publiek op de begane grond; daar waren de loketten en andere publieke functies. De rest van het gebouw was alleen toegankelijk voor personeel van de PTT.
Door de functiewijziging van postkantoor tot winkelcentrum wordt het gehele gebouw, inclusief souterrain, publiek toegankelijk gemaakt.
De centrale hal blijft het hoofdmoment, en links en rechts van de centrale hal ontstaan twee nieuwe vides van twee lagen hoog, gescheiden van de centrale hal door reeds in aanleg aanwezige galerijbruggen. Op deze wijze smelt het centrale middengebied van het gebouw aaneen tot één grote ruimtelijke kern waaromheen de winkels een plaats vinden. De reeds aanwezige vide aan de rechterzijde van de hoofdentree werd daartoe verlengd en aan de linkerzijde van de entree werd een geheel nieuwe vide gemaakt. Ook het souterrain werd geschoond van allerlei niet structureel belangrijke tussenwanden en waar nodig werd structuurlijk hersteld wat ontbrak.
Door al deze ingrepen werd bewerkstelligd dat via het middengebied alle ruimten op elkaar betrokken raakten en gezamenlijk een overzichtelijk en helder ruimtelijk ‘drieluik’ vormden. Het bouwen in het verlengde van het ontwerp van Peters, zoals de nieuwe vides en een aantal nieuwe arcades, kon uiteraard niet meer met de middelen van toen. Ook vanwege de bouwsnelheid moest een aantal structurele toevoegingen worden uitgevoerd in staal. Het nieuwe staalskelet is bekleed met prefab- betonelementen, waarbij zowel in afmetingen als in kleur aansluiting is verkregen op de bestaande structurele elementen. De argeloze, winkelende bezoeker zal nauwelijks opmerken welke kolommen en arcades nieuw zijn, terwijl bij nadere beschouwing de nieuwe kolommen en bogen wel degelijk als nieuw herkenbaar zullen zijn. Naast de grote reeks vaak zeer verschillende bestaande kolommen, voegen de nieuwe zich op natuurlijke wijze in het voortgezette stramien.
Staand op een in 1992/1993 nieuw aangelegde fundering is het hele gebouw publiekstoegankelijk geworden. Een bruisend winkelcentrum laat het gebouw met frisse moed aan zijn tweede eeuw beginnen.
Prof. ir. Hans Ruijssenaars